rss

De tragiek van solidariteit

Algemeen

14 Dec 2011 | 17:19

0 comments

tags

Gisteren maakte de Volkskrant melding van het feit dat de  Laag opgeleide steeds ongezonder is.  Dit is een van de bevindingen van de Raad voor Volksgezondheid en zorg in haar rapport “Preventie van welvaartsziekten”. Een klein stukje eruit:

De laagst opgeleide vrouwen krijgen nu rond hun 52ste jaar gezondheidsklachten. Dat is twintig jaar eerder dan hoogopgeleide vrouwen. Tien jaar geleden was dit verschil nog zestien jaar. Het toenemende verschil ligt volgens de RVZ aan welvaartsziekten door slechte voeding, roken, alcohol en een gebrek aan beweging.

Niet alleen de Volkskrant, maar bijna de hele pers haalt dit punt naar boven; de kloof tussen hoog- en laag-opgeleiden wordt groter. Sterker nog, de laagopgeleide wordt minder gezond.

Ik was reuze benieuwd hoe de factor opleiding zich vertaalt in de gezondheid van mensen, en ben dus de publicatie van de RVZ gaan lezen. Helaas is er over deze relatie in het rapport nauwelijks iets te vinden. Voedingspatronen  en bewegingsgewoontes blijken gecorreleerd aan opleidingsniveau, maar het wordt niet duidelijk waarom. Dat is jammer, want de Raad komt wel met adviezen om de welvaartsziekten aan te pakken. Een vettaks, hoog btw tarief en een ‘preventiefonds’ zouden een oplossing moeten zijn.

De mensen van de RVZ zijn natuurlijk van goede wil, maar het is jammer dat ze hun analyse niet hebben afgemaakt voordat ze met adviezen komen.  Nu moeten we er maar naar gissen hoe het komt dat een hoogopgeleide vrouw maarliefst 20 jaar langer in goede gezondheid leeft dan een laagopgeleide. Ik doe dat natuurlijk graag:

Hoogopgeleide vrouwen in Nederland hebben een heel makkelijk leventje. Ze werken nauwelijks, krijgen best wat lichaamsbeweging als ze met hun bakfietsjes door de stad toeren, en hebben zeeën van tijd om de etiketten op levensmiddelen te lezen, en kunnen de betere producten nog betalen ook. En als ze iets krijgen, is er vast wel een studiegenoot (van hun man) te vinden die hen even door het medische labyrint loodst. Dus het is wel te begrijpen dat zij de langstlevenden onder de Nederlanders zijn.

Bij de laagopgeleiden ligt het ietsje ingewikkelder. Zou het echt zo zijn dat ze niet weten wat wel en niet gezond is? Dat zou natuurlijk best eens kunnen. Kennis over wat al dan niet goed voor je is, is niet heel anders dan andere kennis, en die hebben ze ook niet. Ook lijkt het me niet ondenkbaar dat deze groep zich makkelijker plooit naar wat hen wordt voorgeschoteld. Ze zijn misschien iets meer de slaven van de marketingmachines van deze tijd. Zittend op de IKEA bank, met een zak Lays Chips (Light!) en een 2 liter fles Coca Cola, kijkend naar Holland’s got Talent. Holland wel, ja.

Is deze groep nog te verheffen? En zo ja, wordt de overheid dan niet de tegenstander van de grote marketingmachines? Kom je er dan met een vettaks en wat armzalige projectjes , terwijl the likes of Coca Cola, Mars, Heineken, McDonalds en Unilever jaarlijks honderden miljoenen euros aan halve waarheden over de onfortuinlijken heen storten?

We zijn dus weer terug bij de basis van het socialisme. Het grootkapitaal brengt de verworpenen niet alleen via woekerpolissen en overkreditering aan de bedelstaf, maar mest ze als een stel ganzen vet tot de dood erop volgt.

De politiek heeft geen antwoord. De retoriek van links is net zo problematisch als die van rechts.

Rechts fungeert als roeptoeter van de industrie. Als je actief wilt zorgen dat het plebs zich niet dood vreet, ben je betuttelend bezig. Ouch! That hurts!

Links heeft geen alternatief. Ze blijven hangen aan het concept ‘solidariteit’. Even afgezien van het solidariteitsgehalte van de sjipsetende bankzittende endemolkijkende medemens, is de vraag wat de houdbaarheid is van dit concept. Als het zo is (en het is zo) dat binnen afzienbare tijd de verdiencapaciteit van de gemiddelde Nederlander lager is dan de kosten van de behandeling van zijn welvaartsziekten, dan werkt solidariteit averechts. Solidariteit creeert namelijk een ‘tragedy of the commons’; we grazen de weiden af, waar we indirect toch al voor hebben betaald. Meer dan nodig.

Dat betekent dat ontcollectivisering van de gezondheidszorg onvermijdelijk is. Als we met zijn allen geen geld hebben voor diabetes, dan is het maar beter dat ieder individu dat weet. De verheffing van het volk moet dan van binnenuit komen. We zullen veel meer in onderwijs moeten investeren, juist voor de cerebraal wat minder bedeelden.  Je kunt een vettaks introduceren, of reclames voor cola en hamburgers verbieden (waarschijnlijk best een goed idee, overigens), maar belangrijker is, om de burgers weerbaar te maken tegen de misleidende boodschappen van de grote levensmiddelenproducenten.

Ebel Kemeling

volg dewetvankemeling.com