rss

Econoom zoekt Omroep

Algemeen

15 Jan 2013 | 12:21

1 comment

In de NRC van Zaterdag vraagt Marike Stellinga zich af waarom er een publieke omroep is. Volgens haar ontbreekt in het politieke debat over de toekomst van de omroep de vraag waarom deze überhaupt bestaat.

Stellinga is econome. W.F. Hermans wees er ooit op, dat economen de eersten waren die ‘drs’ als titel gingen voeren, terwijl dit strikt genomen geen titel is. Inmiddels hebben ze iets nieuws; als je ooit economie hebt gestudeerd, noem je jezelf je leven lang ‘econoom’.

Maar goed. Stellinga is dus ‘econoom’. En zoals het een econoom tegenwoordig betaamt, verwacht zij nogal wat van de markt. Niet alleen is de markt een praktisch verdelend mechanisme, maar de uitkomst van een goedwerkende markt is kennelijk ook rechtvaardig. Zo zegt ze over het salaris van Van Nieuwkerk waar ze geen probleem mee heeft; ‘kennelijk is het zijn marktwaarde, door al die kijkers gecreeerd’.

Het falen van een markt is voor een econoom natuurlijk pijnlijk. Stellinga verzucht: ‘Waarom financieren we een dominant instituut als Nederland 1, 2 en 3? Welke markt faalt hier?’ Je zou zeggen dat als er geen markt is, hij ook niet kan falen, maar dat is voor haar  misschien niet een bevredigend antwoord. Wij moeten het kennelijk een probleem vinden dat de publieke omroep 716 miljoen euro per jaar kost, en ‘197 miljoen euro aan reclamegeld weglokt bij de commerciële omroepen.’

En waarom is dat precies een probleem? Mevrouw Stellinga zal toch niet denken dat zaken die niet publiek gefinancierd zijn ineens gratis worden? Denkt ze dat de consument niet op een andere manier betaalt voor programma’s die de commercielen maken? De gemiddelde couch potato geeft meer geld uit aan smsjes sturen naar The Voice of Holland dan (belastinggeld) aan Boer zoekt Vrouw. En als het zin heeft om in Live 4 You  aan product placement te doen, zal dat wel zijn omdat mensen daar meer van gaan eten. Misschien moeten we ons eens afvragen of dat wenselijk is. In economische zin wenselijk bedoel ik uiteraard, want een andere vorm van wenselijkheid zou weleens een paternalistisch trekje kunnen hebben. En daar blijft zelfs de NRC, zie zichzelf ooit ‘slijpsteen van de geest’ noemde, natuurlijk graag verre van.

Dus 716 miljoen is zonder enige twijfel niet het relevante bedrag. Het relevante bedrag is 716 miljoen minus de kosten die de private omroepen zouden maken, minus de gevolgen van de overconsumptie die wij ons moeten laten welgevallen om de adverteerders tevreden te stellen. Blijft over een bedrag van minder dan 0,03% van onze problematische hypotheekportefeuille of minder dan 0,01% van de pensioenpotten waar het niet zo heel goed mee schijnt te gaan. Een spreekwoordelijke peanut.

De vraag is dan, krijgen we waar voor onze peanut? Dat zou nog best eens kunnen. Publieke omroepen maken andere programma’s en ze maken ze ook nog eens anders dan de commercielen. Stellinga verwerpt het argument dat via de publieke omroep mensen dingen zouden kunnen leren als ‘belegen en paternalistisch’;  ‘waarom stop je die 716 miljoen niet in onderwijs dan?’. Haar redenering lijkt te zijn, dat de enige manier om mensen iets bij te brengen via een school of universiteit is. Het is haar kennelijk niet alleen ontgaan dat kinderen kunnen leren tellen bij Sesamstraat, of dat je iets kunt opsteken van documentaires over de natuur of de tweede wereldoorlog, maar ook dat de manier waarop iets gemaakt is tot een ander soort leerproces zou kunnen leiden. Een moeilijk onderwerp kan op een voyeuristische manier gemaakt worden, maar het kan ook met respect gebeuren. Als alleen de kijkcijfers tellen, zal het laatste niet snel gebeuren, hoewel achteraf weleens zou kunnen blijken dat er vraag is naar respectvol gemaakte programma’s.

De angst van het economisch journaille om elitair, bevoogdend of belerend te zijn is bijna net zo groot als het geloof in de werking van markten. Kan mevrouw Stellinga ons vertellen welke markten ze hier eigenlijk voor ogen heeft? Doelt ze misschien op de markt voor olie, die voor telecom, die voor gezondheidszorg of de bankmarkt? Of misschien de markt voor computerbesturingssystemen, die voor vliegtuigen, de markt voor huurwoningen, of die voor sportrechten? Welke markt functioneert zodanig dat de consument veel keuze heeft en de concurrentie leidt tot lage prijzen en hoge kwaliteit?  Is vanuit dat perspectief het ‘marktfalen’ van de publieke omroep nou echt iets wat onze onverdeelde aandacht verdient?

En als deze discussie relevant zou zijn, waarom moet het dan gaan over publiek of commercieel? De val waarin we met zijn allen trappen, is dat omdat iets ‘publieke omroep’ heet, we denken dat het bijvoeglijk naamwoord ons richting kan geven in een bestaansrechtdiscussie. Als de omroep – publiek of commercieel – niet de optimale maatschappelijke waarde creeert, hoeft dit met haar juridische status niks te maken te hebben. Misschien geven we wel te weinig belastinggeld uit, waardoor programma’s van publieke omroepen nu net zo slecht zijn als van de commercielen. Voor een verdere commercialisering pleiten zou dan nogal onnozel zijn.

Dus misschien heeft mevrouw Stellinga in die zin een puntje, dat in het debat over de omroep een fundamentele vraag ontbreekt. Die vraag is echter niet die naar het bestaansrecht, maar de vraag wat wij van een omroep zouden willen. Zouden wij graag willen dat kinderen beter kunnen leren lezen? Zouden wij het leuk vinden als er meer respect zou ontstaan voor elkaar, de natuur of onze geschiedenis? En als dat dan allemaal zou lukken, zou dat dan 0,03% van ons BNP mogen kosten?

Ebel Kemeling

  • Guido

    Markten voor commodities lijken ook zo efficient. Ja, Efficient leidend naar het laagste punt voor de grondstof bezitter maar naar waanzinnige pieken voor de manipulator op 21 hoog van een willekeurig spiegelglazen gebouw. En zo gaat dat ook met commodity TV , op naar het laagst mogelijke nivo met pieken voor wat talkingheads die in staat blijken de kijkcijfers te manipuleren. Kwaliteit? Echnie! Elitair ? Zal wel. Hoe zat het ook al weer met peanuts and monkeys. Dus..verdubbel het geld voor de publieke omroep (en van onderwijs) en halveer de salarissen van de “faces”. van politici en van bankiers dan ook maar direct. Rightly motivated people + rightly motivated money = better stuff. Wellicht een beetje reformistisch maar ik kan dat marktargument niet zo goed meer hebben. Beetje verheffing, beetje elkaar vertellen wat goed voor je is, even de kijk/groei-cijferhandboeien af en gewoon beetje logisch nadenken.

    Leve de revolutie!

    Daarbij moet dat mens eens ophouden zo zuurig te kijken/praten/ruiken of moet ik die observatie eerst met de moderator van dit forum bespreken?

    Dank voor je moeite Ebel.

    Verstuurd vanaf mijn iPhone

volg dewetvankemeling.com